Wij maken Yolanthe

Rutger en ik zoeken naar de maakbare mens. Maar wat verstaan we eigenlijk onder ‘de maakbare mens’? Als ik het aan mensen vraag lopen de reacties uiteen van Yolanthe’s maakbare uiterlijk tot prenatale diagnostiek, van bladerunner Pistorius tot het populaire paleodieet. Waarom roept dit thema zoveel verschillende gedachten op?

Filosoof Christoph Lüthy geeft de schuld aan het woord ‘maakbaar’. Dat is een uniek, Nederlands woord met een biologische én een culturele lading. Het gaat om normen, waarden en idealen enerzijds die toegepast worden op ons lichaam anderzijds. Die combinatie levert gigantisch veel mogelijkheden op, zeker in een technologische wereld als de onze. Vandaar dat maakbare mens zowel over plastische chirurgie als prenatale diagnostiek gaat.

Bovendien, denk ik nu, zijn deze onderwerpen ook gegarandeerd spannend. Het gaat namelijk steeds over onszelf, de mens, in relatie tot de gemeenschap. Het gaat om een gemeenschappelijk schoonheidsideaal dat we bij Yolanthe inspuiten. Het gaat om ons verlangen naar perfectie waardoor we ons ongeboren kind laten checken. Die relaties tussen samenleving en individu roepen allerlei spannende vragen op: Willen we dit? Mag het? Wie bepaalt dat? En waar ligt de grens?

Lüthy meent dat je hierdoor een discussie krijgt die, in haar breedte, typisch Nederlands is. Alleen in het Nederlands vormt maakbare mens namelijk zo’n mooie alliteratie. Bovendien is de inhoud van de term nauwelijks te vertalen. In het Duits wordt het ‘Perfektionierung des Menschen’, in het Engels ‘Engineering the human’, in het Frans ‘biopolitique’. Die begrippen zijn allemaal veel beperkter.

Dat maakt ‘de maakbare mens’ lekker vaag, en daarmee een ideaal thema voor een theatercollege… in Nederland.